Gisteren (29/07/07) was er op 'Over Leven' op Canvas een documentaire over de Homo Futuris. Het was weliswaar een herhaling, maar omvatte een onderwerp dat ik nog niet gehoord had. Namelijk dat twee wetenschapsters (nu ja, een paleontologe en een orthodentiste) op elk een verschillende manier iets te weten kwamen over de menselijke evolutie. Namelijk:
De sfenoïde of het wiggebeen in de schedel is los van de natuurlijke selectie in de loop van de evolutie van de primaten in sprongen schever is komen te staan wat telkens tot een nieuwe soort in de tak van de primaten leidde. Volgens de twee wetenschapsters was dit het gevolg van een intern 'geheugen' en werd er zelfs gewag gemaakt van een doelmatige, menselijke evolutie. Al dan niet door de soort homo zelf in de hand gewerkt.
Voor zover ik iets van evolutie weet (ik ben me er nog maar sinds enkele maanden in aan het verdiepen), was ik in de veronderstelling dat natuurlijke selectie op zich geen mutaties veroorzaakt. Is het niet zo dat willekeurige puntmutaties door de overlevingskans in een bepaalde omgeving het goed of minder goed gaan doen en zodus door erfelijkheid van de genen de soort in een bepaalde evolutionaire richting duwen?
Als ik me niet vergis in het bovenstaande, lijkt me de uitleg die onze twee wetenschapsters over hun bevindingen gaven niet echt correct. Mij lijkt het eerder logischer dat een puntmutatie tot de verandering in het wiggebeen heeft geleid en de evolutionaire voordelen die het opleverde zorgde voor de overleving van de soort. En net zoals het schild van een schildpad in de loop der tijden harder is geworden, is bij de mens het wiggebeen steeds schever komen te staan.
Het kan zijn dat de paleontologe en de orthodentiste dit ook effectief voor ogen hadden, maar de documentaire is dan op dit punt zeer onduidelijk en geeft de indruk dat er iets spectaculairs is ontdekt dat de evolutietheorie op z'n kop zet.
Een tweede punt in de documentaire dat me wat vreemd over kwam, was helemaal op het einde te zien. Nadat er uitgelegd werd dat de mens nu de evolutie van zijn soort zelf in de hand heeft, kwam er een moment van reflectie. Een oudere paleontoloog, gerenomeerd in zijn vak, gaf te kennen dat de evolutie van de mens te snel ging en dat tradities en spiritualiteit nu eens te meer belangrijk zijn om te voorkomen dat we evolueren in de homo futuris vooraleer we geleerd hebben om ons brein op een verantwoorde manier te gebruiken. Een nobele uitspraak, maar wat hebben traditie en spiritualiteit hiermee te maken? De documentaire biedt geen verklaring en gooit in de plaats daarvan nog wat olie op het vuur door te verkondigen dat we eerst de vraag 'waarom zijn we hier?' moeten kunnen beantwoorden.
Ik was verrast door de bevindingen van de twee wetenschapsters en zag gelijk de gaten in de evolutietheorie die het zou kunnen opvullen. Zoals onder andere een manier om fossiele schedels tot een soort te kunnen indelen aan de hand van de positie van het wiggebeen. En de sprongmatige evolutie van primatensoorten door een kleine mutatie. Maar de filosofische uitsmijter die ze er aan vastkoppelden leek mij niet alleen onjuist, maar ook onvoldoende verklaard. Alsof ze het antwoord zelf niet wisten en daarom maar wat zweverig gingen doen om het een air van mysterie te geven. Ik kan nu zoiets wel verwachten van kwakzalvers en eventueel ook wel tv-makers, maar het is amper een houding die ik van wetenschappers verwacht.
Let wel, ik parafraseer de documentaire hier die ik gisteren gezien heb. Ik sluit niet uit dat ik door mijn eigen beperkte kennis zaken gemist heb of verkeerd verstaan. Maar ik vind het onderwerp wel interessant genoeg om even ter discussie te brengen en hopelijk tot een juiste conclusie te komen.
