In zijn boek “De oerknal” (2005) behandelt Simon Singh in “Welke vragen resten er nog voor het oerknalmodel?” volgende kwesties.
-Oorzaak van de "dichtheidsverschillen" die de samenklontering van de materie tot grote systemen mogelijk maakte.
-Waarom is ons universum “plat” en niet gewelfd?
-Het “horizon vraagstuk”.
-"Donkere materie".
-"Donkere energie".
Vooraleer op bovenstaande thema's in te gaan, een citaat uit “De oerknal” (blz.401):
De term 'oerknal' veronderstelt dat er zich een soort explosie heeft voorgedaan, en die analogie is niet geheel misplaatst, zij het dat de oerknal geen explosie in de ruimte was, maar een explosie ván de ruimte. Evenzo was de oerknal geen explosie in de tijd, maar een explosie ván de tijd. Ruimte en tijd ontstonden namelijk pas op het moment van de oerknal.
Hiermee wordt aangenomen dat ruimte en tijd niet bestonden vóór het ontstaan van ons heelal, maar over het ontstaan van materie wordt hier met geen woord gerept. Ik sluit niet uit dat het voor altijd onkenbaar zal blijven. Lemaître, medegrondlegger van de oerknaltheorie, dacht aan een ontploffend oeratoom. Als priester zal hij voor dat oeratoom wel aan een Schepper hebben gedacht, maar daar kan niet elke wetenschapper genoegen mee nemen.
De inflatietheorie wordt tegenwoordig beschouwd als een geschikte aanvulling van het oerknalmodel en wordt geacht voor enkele van bovenstaande kwesties een oplossing te bieden. Ze gaat uit van de veronderstelling dat alles ontstond uit een waanzinnig klein “onecht vacuüm”. Door fluctuatie zou uit dat onecht vacuüm het heelal zijn ontstaan. Er is geen reden om die hypothese voor onmogelijk te houden, maar dan blijft nog altijd de vraag waar dat onecht vacuüm (gevuld met “inflaton”) vandaan kwam. De wetenschappers zijn er tot nu toe blijkbaar enkel in geslaagd een geamputeerde scheppingshypothese te bedenken. Ik geef daarom de voorkeur aan de veronderstelling dat hét heelal altijd heeft bestaan en dat het ónze daar enkel een 'tijdelijke' verschijningsvorm van is. Dat laat toe het 'ontstaan' van hét heelal in het oneindig verre, ongekende, verleden te laten en de aandacht te concentreren op wat kan worden ontdekt over de evolutie van óns universum. Nu weet ik wel dat de idee van een cyclisch heelal tegenwoordig nog weinig supporters heeft, maar daar hoef ik mij niet aan te storen. Vervolg voor een later A4-tje.
Groetjes,
jm074
